Verhaal

Dol op duurzaam

Leestijd: 3,5 minuten
Lennart Wildeboer

Lennart Wildeboer studeert af op het project Circulaire Parkkade. Maar hij is al langer een duurzaamheidsfan. Ook zijn leerbedrijf én zijn minor heeft hij doorgebracht bij SUS-Ateliers, met veel plezier en een kritische blik.

Gered door SUS

Ik heb eerst Bouwkunde op het mbo gedaan en daarna op het hbo. Toen kwam ik er na twee jaar achter dat ik bouwkunde niet zo leuk vond. Mijn enthousiasme was eigenlijk weg tot ik bij SUS kwam. Zij sloten aan op hoe ik denk. Studenten ontwikkelen hier echte projecten van begin tot eind: ontwerpen, ontwikkelen, engineeren en daadwerkelijk uitvoeren. Meestal in samenwerking met studenten van Techniek College Rotterdam, die het praktische deel doen. Vooral van het hele duurzaamheidsaspect word ik erg enthousiast.

Vijf pijlers

Circulaire Parkkade (CPK) is eigenlijk begonnen met het klimaatakkoord in Parijs en de behoefte om de lineaire economie te veranderen in een circulaire economie. Het project bestaat uit vijf pijlers: warmte, elektriciteit, water, materialen en ecologie. Er komen ook vijf woningen in CPK; een van Doepel Strijkers, twee leemkassen van Oskam Leembouw, G-house van Onsia Architectuur en Rijnsdorp Architect en de Superuse van Superuse Studios.

Multifunctionele panelen

Stroom en warm water gaan we zelf opwekken met PVT-panelen. Die zien er uit als normale zonnepanelen, maar zijn aan de achterzijde voorzien van een watercircuit. De warmte wordt in een collectieve bufferbak bewaard en aangesloten op het warmwatersysteem van de woning. Twee duurzame systemen worden zo op elkaar afgestemd. Naast de panelen komt er waarschijnlijk ook een windmolen om elektriciteit op te wekken. De overige energie gaan we opslaan in oude auto-accu’s. Dit wordt allemaal opgeslagen in een collectieve hub onder de grond, waarna het wordt verdeeld over de buurt.

Water

Voor water gaan we natuurlijk regenwater opvangen. Dan heb je nog te maken met grijs water (water dat je in de wasbak/douche wegspoelt) en zwart water (toiletwater). Dat toiletwater gaat eerst naar een sceptic-tank, waar alle afvalstoffen bezinken. Dan wordt het overblijvende water samen met het grijze water gefilterd in een helofytenfilter. Die bestaat uit riet en zand, waar de afvalstoffen mee worden verwijderd. Voor het riet zijn dat namelijk voedingsstoffen. Zo krijg je ‘schoon’ water waar je je wasmachine mee kunt laten draaien of je wc mee kunt doorspoelen. Het is geen drinkwater; daarvoor gebruik je een gewone aansluiting.

Ook qua materialen willen we volledig circulair zijn. Het liefst alles biobased, hergebruikt of uit de afvalindustrie. Je kunt wel allemaal nieuwe dingen aanschaffen, maar als ergens een bak vol oude auto-accu’s ligt, waarom zou je die dan niet gebruiken?

Smart CPK

Met studenten Technische Informatica zijn we bezig om alles smart te maken, zodat alles met elkaar verbonden is en we de data kunnen monitoren. Je moet toch in de gaten houden of de dingen werken zoals ze moeten werken. We gebruiken die data met een educatief doel, als een soort real-time casus. Het handige is dat die hub apart ligt, dus als er nieuwe ontwikkelingen zijn, kun je hem gemakkelijk aanpassen of vervangen.

Natuurlijke oplossingen

Momenteel ben ik voor mijn afstuderen bezig met Leemkas en hoe je de warmte- en elektriciteitsvraag van die woning op een zo natuurlijk mogelijke manier naar beneden kan halen. In CHIBB hebben ze bijvoorbeeld leem toegevoegd, dat werkt warmte-accumulerend: het houdt warmte vast en laat het uiteindelijk weer los. Op zo’n manier benader ik ook die woning; kijken wat het systeem kan leveren en wat je nog aan installaties moet toevoegen om aan de vraag te voldoen.


Veel hooi

Van alle afstudeerders bij SUS ben ik de enige die met CPK bezig is, maar qua theorie kunnen we elkaar goed helpen. Iedereen is bezig met de circulaire economie, dus zo vullen we elkaar een beetje aan. Ik heb het idee dat ik iets te veel hooi op mijn vork heb genomen, omdat ik te lang heb gewacht met mijn onderzoek afkaderen. Dat abstracte vind ik zó leuk dat ik me helemaal daarop ben gaan richten en het concrete heb losgelaten. Maar bij Bouwkunde ontkom je niet aan die praktische uitwerking.

Hoogtepunt

Met het leerbedrijf heb ik samen met een groep studenten onderzoek gedaan naar de vijf pijlers. Al die architecten en projectontwikkelaars dragen een stukje bij en wij hebben er toen een geheel van gemaakt en aanbevelingen gedaan. Op die eindpresentatie ben ik trots, omdat het gewoon een ontzettend goed verhaal was. We hadden een goede probleemstelling geformuleerd en daarvoor de oplossing gezocht. Met goede argumenten hebben we veel vragen weggenomen. En iedereen was erg enthousiast, daar krijg je zelf ook veel energie van.

Mondjesmaat

Het moeilijkste was de logheid van de gemeente. Dat merk je in veel dingen. Als je dingen wilt veranderen, gaat dat maar mondjesmaat. Als ik het zo groot mag zien, denk ik dat er gewoon een grote natuurramp moet komen. Mensen moeten vaak eerst een keiharde klap krijgen voordat ze gaan inzien dat dingen anders moeten. Dit betekent niet dat de mensen niet bereidwillig waren, maar vooral het systeem erachter.

Voorloper

Nu gaan we CPK echt proberen te realiseren en dat is best lastig. We zijn nu zo ver in het project dat we als studenten niet veel meer kunnen doen. We hebben gewoon niet de kennis om het verder uit te engineeren. Daarom halen we experts van buitenaf. We hopen dat we binnen een jaar kunnen starten met de bouw. Als het te lang gaat duren, wordt het een vrij ‘standaard’ concept; je ziet het namelijk steeds meer opkomen. En we willen er wel een voorloper in zijn én blijven!

Bouwkunde

Wil je meer weten over de opleiding Bouwkunde?

Bezoek de website van Hogeschool Rotterdam

Wil je op de hoogte blijven?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief