Story

Template voor de toekomst

Leestijd: 3,5 minuten
Dominic Tegelbeckers

Dominic Tegelbeckers heeft een eigen bureau in duurzaam urban design en architectuur. Ook begeleidt hij studenten in project Circulaire Parkkade, waarmee de eerste zelfvoorzienende woonwijk van Nederland wordt gerealiseerd. Het is een project met veel verschillende aspecten, die veel aandacht en expertise vereisen. Aan Dominic de taak zijn studenten door deze wirwar te leiden.

Iets duurzaams

Ik heb zelf een stedenbouw- en architectuurachtergrond en wilde op een of andere manier iets met duurzaamheid gaan doen. Dan wel in architectuur, dan wel in stedenbouw. Arjan Karssenberg had toen net CHIBB gebouwd en was met Woonstad en allerlei partijen aan het kijken om een voorbeeldpaviljoen te bouwen en zo kwamen we in contact.

Op buurtniveau

Eerst keken we vooral naar losse woningen. Dat heb ik in mijn eigen praktijk genoeg gedaan, maar daar krijg je heel Nederland niet duurzaam mee. Dat komt doordat huishoudens meestal incidenteel energie verbruiken: ’s ochtends voordat ze naar hun werk gaan, ’s avonds als ze weer thuiskomen, en in het weekend hebben ze soms een feestje. Als je een hele buurt hebt met variërende dagschema’s is het beter om al die energieoverschotten met elkaar te compenseren.

Inpluggen

Na een gastles te hebben gegeven begon ik op de SUS-Ateliers. De studenten kregen de opdracht een visie te maken voor een duurzaam gebied. Er waren een aantal initiatiefnemers die projecten wilden realiseren en hun insteek was om zo duurzaam mogelijke gebouwen te maken. Maar wij wilden een stapje verder; een duurzame ondergrond waar je je duurzame gebouwen kunt inpluggen. Die gedachte heeft het balletje aan het rollen gebracht.

Schaalvoordeel

Een kenmerk van duurzame bronnen is dat ze hun omgeving gebruiken. Maar daar heb je geen controle over, dus je hebt een back-up nodig als de zon even niet schijnt en er geen wind staat. In je eentje is het onbetaalbaar om in bezit te zijn van duurzame bronnen én een back-up. Maar als je gaat clusteren, wordt dat al gemakkelijker en voordeliger. In plaats van tien kleine waterpompjes kun je één grote aanschaffen. Je kunt een back-up creëren met zijn allen. Die kun je ook gemakkelijk weer vervangen of aanpassen als er nieuwe ontwikkelingen zijn.

Kennis vergaren

Het is supergaaf om die studenten te begeleiden. Het is een nieuwe manier van denken, met nieuwe onderwerpen, dus dat is een grote uitdaging voor ze. Daarnaast zijn het natuurlijk Bouwkundestudenten, maar hier zitten ook onderwerpen tussen die niet zozeer bouwkundig zijn. Dat maakt het ook lastig. Een groot deel heeft nog geen handleiding. De kennis is er wel, want voor elke ambitie is er een expert. Alleen we moeten zelf uitzoeken hoe we het in de praktijk brengen.

Materialen

Waar ze wel veel affiniteit mee hebben, zijn de materialen. Daar moeten ze uiteraard ook op een andere manier naar kijken en rekening houden met eventueel hergebruik. Ze zoeken dan bijvoorbeeld naar een industrieel proces dat restafval gaat produceren, of een gebouw dat gesloopt wordt. Een mooi voorbeeld is een bankgebouw in Eindhoven dat tegen de vlakte ging. De trappen waren van marmer, dus die zou je heel goed kunnen hergebruiken. Later bleek dat ze onder het asfalt zijn bedolven, heel erg zonde.

Afval als grondstof

Je moet afval niet zien als afval, maar als grondstof. Dat willen we hier ook mee laten zien en de studenten aanleren. Het zou leuk zijn als je een soort standaardmodule kunt bedenken over hoe je dit soort dingen toepast. Dan kan elke architect binnen de Circulaire Parkkade dat gebruiken en ontstaat er nog meer samenhang tussen de woningen.

 


Goedkoper duurzaam

Als je nu duurzaam wilt gaan wonen, heb je eigenlijk weinig keus. Of je bent wooneigenaar en hebt controle over je eigen bronnen, of je hebt een appartement met stadswarmte. Maar als je niet zoveel te besteden hebt, wordt het moeilijk. Er zit niets tussenin. Daar kan dit systeem de uitkomst voor bieden. Je kunt dit onbeperkt opschalen.

Integraliteit

Je hebt altijd eerst een voorlopig ontwerp, dan een definitief ontwerp en tenslotte een bestek. We moeten nu naar bestekniveau; exact weten wat waar moet gebeuren. Het is veel werk; ieder klein onderdeel vergt een hoop voorbereiding. De technieken die we gebruiken bestaan al, het enige wat wij doen is alles in elkaar schuiven. Het zit hem in die integraliteit.

We willen maximaal duurzame gebouwen realiseren. Dat gaat niet alleen om systemen of materialen, het gaat om een manier van leven.

Meer vragen dan antwoorden

Toch zijn er nog zoveel vragen waar een antwoord op moet komen. Wie wordt er eigenaar van het hele project; zijn dat de bewoners? Ja, bij voorkeur wel. Moeten zij dan ook de investering doen? Zitten daar nog investeerders tussen? Hoe ga je dat dan weer doen? Ook de architecten en projectontwikkelaars moeten weten waar ze aan toe zijn. Dan hebben zij straks ook weer een duidelijk beeld voor potentiële kopers.

Sociale aspect

Er zijn ook veel mogelijkheden wat betreft het sociale aspect. Ga je met deelauto’s werken en voedsel verbouwen? Wie heeft daar de verantwoordelijkheid over; zijn dat de bewoners? Ga je iemand inhuren? Die deeleconomie kan ook weer voor sociale cohesie zorgen, omdat de bewoners ‘gedwongen worden’ samen te werken. Al met al heeft het project op meerdere vlakken een groot effect.